Egede, Hellendoorn

Egede, Hellendoorn

Oorsprong Jan Gerrits: Egede, Hellendoorn

Havezate Egede (voorkant), pentekening C. Pronk, 1732
Havezate Egede (voorkant), pentekening C. Pronk, 1732

Het voorgeslacht van de familie op den Dries heb ik terug kunnen graven tot:

Jan Gerrits is geboren in Wierden. Hij werd ook genoemd: Jan op den Dries, Jan Garrits.
Jan woonde 20-2-1760 in Wierden, en woonde 30-9-1779 in Egede, Hellendoorn.
Beroep: Wever.
Jan Garrits van Wierden woonende op den Dries onder Egede, Jan Garrits van ´t Zenderinks te Wierden thans wonende op Greetens te Egede, Jan Garrits van Lendering van ´t Loo te Wierden nu wonende op den Dries aldaar (Egede), Jan Garrits op den Dries te Egede, Jan Gerrits wed. van Roelofjen Jansen, Jan Dries, Jan Gerrits van Wierden, Jan Gerritsen bij Jannink.

Zie verder de genealogie pagina.

De voorouders leefden dus in Egede. Het huidige Egede is een buurtschap binnen de gemeente Hellendoorn.

Historie Gemeente Hellendoorn

De oorsprong

Al voor de jaartelling waren er mensen die op de woeste gronden van de huidige gemeente Hellendoorn hun heil zochten. Grafheuvels uit die tijd wijzen daarop. Sindsdien is er veel veranderd. In 1275 is er een schriftelijke melding van de naam Hellender. En door de eeuwen heen is het gebied rondom Hellendoorn altijd één geheel geweest. Het Kerspel Hellendoorn omvatte de marken Hellendoorn (het kerkdorp), Noetsele, Hulsen en Overwater, Haarle, Dammarke (het huidige Elen, Rhaan, Egede en Marle) en Daarle.
Tot en met 1954 liepen de gemeentegrenzen parallel aan die van het oude kerspel. Pas in 1955 zijn die grenzen uitgebreid rond de Boomcateweg met onder andere het huidige industrieterrein Groot Lochter. Van de oude tijden is nog maar weinig overgebleven. Oude havezathen en kastelen zoals Schuilenburg, De Dam en De Eversberg zijn alleen nog aan de fundamenten te herkennen. Slechts De Oale Griezen, de dorpskerk van Hellendoorn, heeft de eeuwen overleefd. Al rond 900 moet er een schuurkerk hebben gestaan. De huidige kerk dateert uit 1150 (het Romaanse middendeel en de toren) en de 15e eeuw (de gotische aanbouw). Rond deze markante kerk staan ook nog enkele voorbeelden van oude boerderijen, herkenbaar aan de uilegaten in het dak. Museumboerderij Erve Hofman is zo’n karakteristieke Saksische boerderij. Maar ook in de omliggende buurtschappen zijn nog fraaie exemplaren te vinden.

Komst textielindustrie – ontstaan plaats Nijverdal

Tot de eerste helft van de 19e eeuw leefde men van de opbrengsten van de gedeeltelijk ontgonnen grond. De Regge speelde als transportroute een belangrijke rol in het gebied. Toen in 1829 de straatweg Almelo-Zwolle werd aangelegd, ontstond er op de kruising met de Regge als vanzelf de nodige activiteit. De Nederlandse Handelsmaatschappij stichtte er in 1836 een factorij voor handgeweven goederen uit Twente. Al snel volgde Thomas Ainsworth met een fabriek, een blekerij, een spinnerij en een model-weverij. De gebroeders Salomonson maakten met de introductie van de Koninklijke Stoom Weverij (K.S.W.) een eind aan de thuisnijverheid en in 1836 werd de naam Nijverdal gebruikt; Nijver(heid) in het (Regge)dal.
Tot ver in de twintigste eeuw waren het boerenbedrijf en de textielindustrie de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeenschap. Maar tegenwoordig zijn het vooral het toerisme en de overige industrie die werkgelegenheid bieden. Ook de middenstand in de diverse kernen blijft zich verder ontwikkelen.

Kernen van de gemeente

Van de bloeiende boerengemeenschappen met rijke kasteelheren in Eelen en Rhaan is helaas niet veel meer over. Er resten alleen nog een aantal fraaie boerderijen omlijst door het prachtige landschap tussen Hellendoorn en Ommen. Voor Egede geldt min of meer hetzelfde. Ook deze buurtschap heeft in het verleden door haar ligging aan de Regge en de combinatie van landbouw, transport en visserij een florisante bloei gekend. Het sanatorium in de bossen ademt nog steeds de sfeer van die oude grandeur. Heel anders is het karakter van Marle. In 1987 vierde men het duizendjarige bestaan. De eerste geschreven vermelding van deze boerengemeenschap dateert echter uit 1390. In de eerste wereldoorlog zijn in de directe omgeving grote veen- en natte heidegebieden ontgonnen door de toen werkloze arbeiders van de K.S.W. Het huidige Hulsen dateert pas van begin deze eeuw. De vroegere marke Hulsen lag op de plaats waar tegenwoordig Schuilenburg ligt. Daarle was, net als Noetsele (de oudste kern van Nijverdal), oorspronkelijk een esdorp. De es, met daaromheen boerderijen gegroepeerd, is nog steeds terug te vinden in het huidige landschap. De omgeving leent zich uitstekend voor prachtige fietstochten. Daarlerveen, aan de uiterste noordoost-grens van de gemeente, is ontstaan uit een veenderij. Door de aanleg van het kanaal tussen Vroomshoop en Almelo waren de woeste gronden naar het oosten voor de boeren uit Daarle niet meer bereikbaar. De oostelijke gronden werden afgegraven en uit die veenkolonie is het huidige Daarlerveen ontstaan.

De oorsprong van Egede

Egede is een havezate geweest. Het werd voor het eerst in 1382 genoemd. Op de plek van het huis is nu een boerenerf. Er staat nu alleen nog een restant van de havezate. De toegangspoorten staan nu bij een herenhuis in Enschede.

Havezate Egede, penseeltekening H. Spilman
Havezate Egede, penseeltekening H. Spilman

Bronnen “De oorsprong van Egede”:
Tekst: De havezate Schuilenburg en de Reggevallei / A. Ponsteen, 1982 en De havezaten in Salland en hun bewoners / A.J. Gevers en A.J. Mensema, 1997; ISBN 9064696136
Tekeningen 1 en 2: Overijsselse buitenplaatsen / H.W.M. van der Wyck, J. Enklaar-Lagendijk, 1983; ISBN 9064696179